Rond
De voldoening die fulltime schrijven met zich meebrengt is dat je soms de illusie hebt dat je ècht iets goeds hebt geschreven.
Een heel prettig gevoel. Totdat je een dag later kijkt naar die opgeschreven woordenbrij en inziet dat het lang niet zo fantastisch is. Of eigenlijk helemaal niet zo fakkeldragend is. Eigenlijk gewoon bar slecht is.
Met die inzichten in mijn rugzak lukt het mij dus om alles wat ik de afgelopen weken heb geproduceerd tot amper iets te verklaren. Schrijfoefeningen zijn het, zeg ik je, meer niets. De uitgever zou zich toch grote zorgen gaan maken als hij daar toch iets van onder ogen krijgt.
En dan onderbreek ik dat werk met een lange wandeling, door het dorp, langs het dorp of helemaal om het dorp heen. En meestal langs een bakker, want brood is hier niet lang houdbaar.
Dagelijks rijden er 's ochtends tientallen auto's het dorp uit, langs het huis waarin ik verblijf. De bestuurders, vrijwel altijd alleen, rijden naar hun professionele werkzaamheden elders. Pas rond zeven uur komt de kolone weer terug en krijg je met tien auto's op een rij soms kans op een file als een verre buurman zijn schapen laat oversteken naar een ander ef.
Overdag is het dorp dood. Afgezien van de kerktoren die ieder uur zijn geluiden laat horen en de winkeldeurtjes die geopend en gesloten worden door gezette, oude huisvrouwtjes, gebeurt er verder niets. Ja, die kerkvader loopt rond en groet iedereen. Ik probeer hem een beetje te mijden. Ik ben niet zo kerkelijk en mij zie je dus niet snel de kerk instappen.
Er is zelfs geen voetbalwedstrijd van de sterke macht van dit dorp tegen een ander dorp. Terwijl er een heus voetbalveld is met een tribune van tien houten planken.
Misschien willen ze wel graag voetballen, maar hebben ze andere dingen aan hun hoofd waardoor die sport erin schiet.
Er wòrdt wel gevoetbald, maar dan door vrije schoolkinderen. Ergens in de namiddag hoor ik altijd wel spelende kinderen, die met zelf-samengestelde halve elftalletjes gebruiken maken van het onderhouden voetbalveldje. En als ze er niet zijn ligt er een bal, eenzaam achtergelaten, op het veld.
Net als bij mij in het huisje, als ik terugkom van een wandeling: de laptop staat in standby-stand.


