Niet zo koud
Na een verblijf van een aantal weken in Zuid-Frankrijk hang ik nu heerlijk de Nederland-ontvluchtte-schrijver-in-Italië uit.
Dat schrijven gaat hier wel iets beter, wellicht omdat een verandering van spijs doet leven. Mijn kookkunsten zijn absoluut niet te vergelijken wat Anne-Sophie kan uitspoken in haar keuken. Voor mij kwam Italiaans eten uit een zakje en een doosje en gebruikte je pizzadeeg of snelkook-pasta voor de gewenste maaltijd. Wat groente erbij en klaar. En zelfs dat lukte mij niet in Frankrijk, daar opende ik maar een blikje, sneed ik wat ham van de varkenspoot en improviseerde ik er iets maagbevredigends van.
Hier maakt mijn gastvrouw binnen tien minuten iets waar ik nieteens op was gekomen en gebruikt ze ingrediënten die in Nederland ook ruim voor handen zijn, maar waar ik als drukke Nederlander 'geen tijd' voor wil maken. Waarom zou je moeilijk doen als het ook uit een zakje kan?
Dus geniet ik tegenwoordig bijvoorbeeld van een voorgerecht van in reepjes gesneden venkel met een dipsaus van olijfolie en zout – zó simpel en zo verrukkelijk makkelijk – en volgt Anne-Sophie met een met pesto bestreken pasta en volgt daarna gang nummer drie: het vlees. Gisteren bijvoorbeeld gekruide gehakt gerold in Parma-ham in een bedje van gepureerde tomaten en heet uit de oven.
Hieruit kan dus ook opgemerkt worden dat het helemaal voorbij is met de longontsteking. Het weer wordt minder nat en vochtig en hier in Italië lijkt het erop dat de zomer zijn intocht maakt.
Anne-Sophie woont hier in Montesilvano in een kleine vrijstaande villa. De cabrio kan in een garage, er is een washok, een keuken, twee slaapkamers, een rommelkamer en een ruime woonkamer die grens aan het twee keer zo grote terras met uitzicht over Pescara. Meer is helemaal niet nodig en ik ben bijzonder blij met mijn eigen logeer-slaapkamer.
En Saul heb ik inmiddels ook ontmoet. In de eerste week hier nam Anne-Sophie hem mee na haar werk en stelde ze hem aan mij voor. Saul is een goedlachse en boomlange zwarte Afrikaan. Zo had ik mij een vriend uit Noord-Afrika niet voorgesteld.
Hij kwam oorspronkelijk uit Sudan, heeft jarenlang in Algerije gewoond en kwam negen jaar geleden naar Italië als asielzoeker. Momenteel woont hij op een verdieping in Pescara en werkt hij als tolk voor de Italiaanse overheid.
Saul spreekt Frans en Italiaans, ideaal voor Anne-Sophie, een enorme domper voor mij. Maar met medewerking van haar kan ik iets aan hem vragen of iets voorstellen. Een uur na onze kennismaking stonden we beiden gebogen boven het motorblok van de Vespa Sprint. Ik wees, hij sprak en ik gebaarde. Zodra de Vespa het weer doet, wil hij me de omgeving laten zien. Hij had zelf ook een Vespa. Tenminste, dat begreep ik uit zijn enthousiasme.
De Vespa stond vervolgens een week lang open en bloot in de garage. Anne-Sophie vroeg zich af of ik het niet erg vond als ze me zomaar op een avond alleen zou laten als ze zelf de stad in was.
'Absoluut niet!' zei ik. 'Ik ben al blij dat ik hier zomaar mag blijven.'
Echt zomaar was het niet; ik was wel zo schappelijk om mee te betalen aan de boodschappen en als er maar iets was, moest ze het mij melden.
'Ga je uit met Saul?' vroeg ik onbeschaamd. Ze schudde haar hoofd en zei dat het werkbesprekingen waren, zeker omdat er in de advocatuur geen 9-tot-5-mentaliteit bestaat. En vooral niet in Italië!
'Als de Vespa het straks doet, kun je daarop eens rondrijden en zelf 's avonds de stad in ofzo,' zei ze. Er was dus nog hoop voor de Vespa! 'Morgen komt Saul met een onderdeel dat hij moest bestellen, dus daarna kan die tank gevuld worden en mag je je uitleven.'
'Ben je verliefd op Saul?' vroeg ik aan Anne-Sophie toen we deze week weer eens een fles Prosecco soldaat gemaakt hadden. We zaten op het terras en de zon was net ondergegaan toen ik de vraag gewoon móest stellen.
'Nee,' zei ze. 'Ik ben niet van de verliefdheid. Die heb ik nooit echt meegemaakt. Ik vind mensen leuk. Ik houd van leuke en gezellige mensen en daar ga ik graag mee om, maar verliefd? Nee. Ik ben wel gek op Saul en ga graag met hem om, maar ik ben misschien te druk om mezelf helemaal te laten gaan. Of misschien wil ik dat niet.'
'Nu is het mijn beurt:' zei ik. 'ben jij bang? Bang om jezelf te laten gaan?'
'Nee, dat is het niet. Ik ben er misschien niet klaar voor. Ik wil er klaar voor zijn. Maar nu nog niet.'
In stilte probeerde ik te beseffen wat voor persoonlijkheid er nu in Anne-Sophie schuil ging.
'Maar schrik niet hoor, ik geniet wel enorm van het leven en de leuke mensen die ik daarin tegenkom. Zo koud ben ik ook weer niet. Ik haal nog iets te drinken.'
Ze toonde een verrassende glimlach op haar gezicht, stond op en liep naar de keuken.


